Reisverslag
Turkije. Naar fotopagina Turkije.
Het is intussen zondag 2 juli. Via Alexandreopoli
aan de Griekse kust, kom ik door een supersaai gebied bij de Turkse
grensovergang, die al even weinig opwindend is.
Tien euro visakosten en je bent erdoor, om
weer over dezelfde saaie weg verder te gaan.
Het
enige opwindende, maar dan in negatieve zin is de oplopende hitte.
Voor
de wereldomroep hoor ik dat er in Griekenland en Turkije een hittegolf
heerst. Ik heb er nog geen last van, maar voel wel de voortekenen.
Bij
Kesan is er zelfs nog een camping, net als bij Tekirdag.De eerste is super, gelegen in een pracht
bloementuin, de tweede is smerig, en lawaaiig.
Tekirdag zelf is een grote badplaats met 10.800 inwoners.
De
laatste dag voor Istanbul rijd ik over een
mooie vlakke weg pal aan de Zee van Marmaris.
Mijn
doel vandaag is Londra camp aan de rand van Istanbul.
Helaas bestaat het niet meer. Een tweede mogelijkheid is
Atakoy, 5 km.verder...,ook gesloopt.
Het loopt al tegen de avond, en je stelt je in om je tent op te zetten.
Nu het voor de tweede keer niet lukt, maakt het je niet meer uit waar je
tent staat. Je hebt jezelf ingesteld op 100 km., terwijl het er nu
alweer 125 zijn. Dus op de puinhopen, van wat eens een camping was zet
ik mijn bescheiden kamp op. Er staan 2 campers en er is water, dus
de elementaire behoeften
zijn aanwezig.
Rondom mijn tent zitten een stuk of tien magere
zwerfkatten, 4 smerige schapen en een koppel korhoenders, en dat ruik
je.

De
volgende dag ga ik direct op zoek naar een alternatief, maar campings
zijn niet meer voorradig. Dan maar een goedkoop hotel. Mavie guesthouse kost 20
euro, veel te duur, maar ik heb geen zin om op
een rooftop te slapen.
Ik
ben in Istanbul om een visum te regelen voor
ten eerste Uzbekistan en dan Turkmenistan.
Een
Frans meisje brengt me naar een reisagentschap
waar ik voor 170 !!! euro een uitnodiging + visum kan kopen. Duurt 9 dagen!!!
Ik weiger om al die tijd in Istanbul te blijven. Veel te heet, nu al boven de 40
graden, en te duur.
Op dinsdag de 26e juni vertrek ik in gezelschap van
een Tsjechische jongen, Michael, naar de
Zwarte Zee kust, naar Agva. het werd de
zwaarste fietsdag in mijn leven.
Temperaturen van 49 graden en supersteile hellingen, putten me totaal
uit. Gelukkig vind ik er een camping aan zee met zwembad, voor een
vijfde van wat ik in
Istanbul betaal.
Alleen er staan alleen maar Turken en een
gesprekspartner is niet te vinden.
Ik
ga zo langzamerhand in mijzelf praten.
Vandaag, zondag 2 juli dus ben ik met de bus teruggegaan naar
Istanbul, om morgen te kijken of mijn visum intussen is
gearriveerd.
Visa perikelen.
Ik arriveer op vrijdag 22 juni in Istanbul.
Maandag kan ik pas terecht bij de ambassades. Eerst Uzbekistan, waar ik
een "letter of invitation" voor nodig heb.
Het zal 7 dagen gaan duren, een periode die ik af zal wachten aan de
Zwarte Zee. En inderdaad op 2 juli krijg ik mijn visum.
Dinsdag een visum voor Azerbeidjaan aangevraagd, wat zowaar de volgende
dag al klaar is. Dan naar de Turkmeense ambassade, voor een
transitvisum. Zij willen maar een visum voor 5 dagen geven, ik wil er
10. Ik mag over 7 dagen naar de consul generaal bellen, of hij akkoord
gaat. Dat ga ik hier niet afwachten, maar fiets vast naar Ankara,
dus mijn missie in Istanbul
is beëindigd. Ik heb nu 2 van de voorlopig 3 visa in handen.
De Turkmeense krijg ik in Ankara. Tot nu toe heeft deze "visa missie"
mij dus 14 dagen + 230 euro gekost.
Voor ik echter Mavi
Guesthouse
www.mscan82.piczo.com en Istanbul de rug toekeer, wil ik nog eenmaal de
loftrompet steken over deze bruisende metropool aan de grens tussen
Europa en Azië. Bij vorige gelegenheden heb ik alle toeristische highlights al bezocht, dus daar heb ik nu geen
behoefte aan.
Galata bridge
Nee, ik meng me nu tussen de sportvissers, die vanaf de Galata bridge proberen een vis te verschalken.
Overigens met weinig succes, maar hen bezig te zien met aas, haken en
lijnen is prachtig. Of ik lig in het weekend met hen op de gloeiendhete rotsblokken langs de Zee van Marmara.
Kauwend op hun zonnebloem? pitten, waarvan de schillen her en der rondom
hen liggen, maken ze kleine vuurtjes om op te grillen.
Ze bieden me thee aan in achterafstraatjes, waar geen toeristen
meer komen. Ik versta hen amper, maar het is leuk tijdverdrijf om ze
te observeren.
Terwijl ik op de ferry van Emonimu naar Harem
sta, en de frisse ochtendwind over de Bosporus
in mijn gezicht blaast, realiseer ik me dat dit wel eens de laatste keer
kan zijn dat ik hier ben. Maar ik voel me een bevoorrecht mens, deze
boeiende stad zo intensief te hebben leren kennen.
Mudurnu
Op 6 juli zit ik
dan eindelijk weer op de fiets. Via Kadira, Kynacera
en Sakarya begin ik aan een klim naar
1350 meter voorbij Mudurnu. Ik wordt
verwend door de Turken. Thee hoef ik nergens te betalen, en bij een supermarkt wordt ik uitgenodigd voor een
heerlijk maal in de personeelskantine.
De temperatuur is weer in een stijgende lijn. De nachten breng ik intussen door in mijn tent ergens in de
natuur. Ik rijd over mooie boswegen, maar ook door
verbazingwekkend kaal landschap, vooral na Nalihan wisselen rode en groene bergen stof elkaar af.
Er woont bijna niemand, terwijl ook de
temperatuur zo is gestegen dat het asfalt smelt, en ik moeite heb
vooruit te komen. Mijn banden zuigen zich vast, terwijl ik langzaam
klim.
Zo passeer ik Beypazan.
In tegenstelling tot Istanbul is de entree
van Ankara ruim. Veel brede wegen met veel verkeer, dat echter geordend
verloopt. De stad is modern en in 1923 door Ataturk tot hoofdstad gepromoveerd. Hij toonde
zijn vertrouwen in Ankara als hoofdstad, door tussen 1919 en 1927 geen stap in Istanbul
te zetten. Alles hier in Ankara ademt dan ook de adoratie voor deze
grondlegger van de Turkse staat.
Er is een oud Ankara rondom de wijk Ulus, waar de goedkope hotels zijn, dus ook het
mijne. En een nieuw Ankara, met de
regeringsgebouwen, ambassades en het koopcentrum
Kizilay.

Oud Ankara
Ik begin al met wachten, want de ambassade is gesloten. De volgend dag weer de reis ondernomen, nu om te
vernemen dat ik geen visum voor Turkmenistan krijg. Uit nijd loop ik de
7 kilometer teug naar het station en boek
een trein voor dezelfde dag naar Erzarum. De
treinreis voert me 925 kilometer verder. Ik doe er 24 uur
over. Dit maakt alle tijd wel goed die ik heb moeten wachten en
omfietsen voor die lullige visa.
Ik heb nog net tijd om naar Hisar, de oude
vesting van Ankara te gaan en het Anatologisch Museum te bezoeken, en dan heb ik Ankara
wel gezien.Twee dagen is wel mooi voor deze
stad.
De treinreis voert door woest berglandschap, maar is net als de
meeste treinreizen lang en saai.
Zondag 16 juli vertrek ik uit Erzarum en probeer
16 dagen later in Baku aan te komen,
daar is ook een Turkmeense ambassade, waar ik een nieuwe poging
kan wagen.....
Bijgewerkt t/m
18-07-07.
naar
reisverslag Centraal Azië
|